Cradle to Cradle

Minder consumeren, minder energie verbruiken, minder afval lozen: het zijn volgens Cradle to Cradle geen echte oplossingen. Het motto van Cradle to Cradle is: probeer goed te zijn in plaats van minder slecht!

cradle-to-cradle

Sinds het VPRO-programma Tegenlicht op 2 oktober 2006 een documentaire uitzond waarin voorbeelden van Cradle to Cradle-projecten en de ideologie ervan werden uiteengezet is deze ontwerpstrategie mateloos populair in Nederland (Van Hattum 2010). Ook in de rest van Europa, China en de Verenigde Staten heeft de filosofie voet aan wal gekregen.

Goed in plaats van minder slecht

Het Cradle to Cradle-concept was een nieuwe kijk op duurzaam ontwerpen en werd uiteengezet in het boek Cradle-to-Cradle: Remaking the Way We Make Things, geschreven door architect William McDonough en scheikundige Michael Braungart. Duurzame ontwikkeling betekent dat de huidige generatie in haar noden voorziet, zonder de mogelijkheden daartoe voor de volgende generatie te beperken. Maar Cradle to Cradle stelt zich kritisch op tegen de ‘traditionele’ manier om tot duurzaamheid te komen. Met haar streven om natuurlijke hulpbronnen zo efficiënt mogelijk te gebruiken, gaat die volgens Braungart en McDonough niet ver genoeg. Minder consumeren, minder energie verbruiken, minder afval lozen – het zijn volgens Cradle to Cradle geen echte oplossingen. Zoals Braungart zegt: ‘Als een vader besluit om zijn kind niet tien, maar vijf keer te slaan, wat is daar dan goed aan?’. Het motto van Cradle to Cradle is dan ook: probeer goed te zijn in plaats van minder slecht!

Afval is voedsel

Een van de belangrijkste principes en tevens de kern van Cradle to Cradle ligt in het uitgangspunt ‘afval is voedsel’. Het komt erop neer dat producten zodanig ontworpen dienen te worden dat ze als voedsel kunnen dienen binnen de biosfeer, of dat het afval volledig kan worden ingezet als grondstof voor nieuwe producten. Producten en materialen die in de biologische kringloop terechtkomen, dienen volledig en onschadelijk afbreekbaar te zijn, zodat ze veilig kunnen worden opgenomen door de natuur. Producten en materialen die niet afgebroken kunnen worden, komen in de technische kringloop terecht, ook wel de technosfeer genoemd. Door het afval te upcyclen in plaats van te downcyclen kan het opnieuw worden ingezet voor nieuwe producten. Upcyclen wil zeggen dat de gerecyclede grondstof een hogere zuiverheid heeft dan die van de oorspronkelijke grondstof. Bij Cradle to Cradle wordt aan de wieg van een product dus al rekening gehouden met het materiaal voor de geboorte van een volgend product. Er wordt van wieg tot wieg ontworpen.

 

cradle-to-cradle-3

Economy Meets Ecology

Het aanslaan van Cradle to Cradle is te verklaren doordat deze strategie niet met een beschuldigend vingertje naar de consument of fabrikant wijst. Cradle to Cradle pleit juist voor groei die goed is voor mens, milieu en ondernemer. Innovatie is hierbij de sleutel tot een duurzaam producerende en consumerende samenleving zonder dat men zich schuldig hoeft te voelen over de aantasting van het milieu (Van Hattum 2010). Het is logisch dat deze duurzaamheidsstrategie door ondernemers op handen wordt gedragen.

In de Verenigde Staten liepen voorlopers Ford en Nike al weg met de filosofie die niets moet hebben van guilt-management. In Nederland waren aanvankelijk vooral overheden geïnteresseerd in de nieuwe beweging. De Floriade 2012 maakte Cradle to Cradle tot haar motto en werd snel gevolgd door de gemeente Venlo. De provincie Limburg wilde niet achterblijven en wees meteen een tiental plekken aan die ‘Cradle to Cradle’ moesten gaan worden. Intussen heeft ook Almere besloten om 60.000 woningen volgens het Cradle to Cradle-principe te bouwen. In het noorden van Nederland is het Cradle to Cradle Islands-project opgericht, waarbij diverse partijen uit zes verschillende landen de handen ineen hebben geslagen. Texel en Ameland hebben zich hierbij opgeworpen als innovatiecentrum voor de implementatie van Cradle to Cradle-projecten (Cradle to Cradle Islands 2011).

Ook gerenommeerde namen uit het Nederlandse bedrijfsleven hebben Cradle to Cradle inmiddels opgenomen in hun missie: Ahrend, Desso, Velopa, van Ganzewinkel, Océ, Van Houtum, Mosa en Moonen Packaging zijn slechts een greep uit de groep bedrijven die actief bezig zijn met de baanbrekende strategie (Liedke 2011).

Mirra-stoel

Een van de bekendste Cradle to Cradle-producten is de Mirra-stoel van Herman Miller. Dit was de eerste Cradle to Cradle-gecertificeerde bureaustoel op de markt. De stoel is voor 96 procent recyclebaar aan het einde van zijn technische levensduur. De normering van het ontwerp van de stoel wordt op drie gebieden gecontroleerd. Op het gebied van de chemische samenstelling en veiligheid van de gebruikte materialen wordt voornamelijk gekeken of deze zo veilig mogelijk zijn. Daarnaast moet het product eenvoudig te demonteren zijn ten behoeve van recycling. In de praktijk komt het er namelijk op neer dat als een product niet in zeer korte tijd uit elkaar gehaald kan worden, het economisch niet rendabel is om het product te recyclen. Het levert dan meer op om het product te verbranden. Tot slot wordt gekeken naar de recyclebaarheid van het product. Hiermee wordt bedoeld in welke mate het materiaal bestaat uit gerecyclede bestanddelen en of deze samenstelling geschikt is voor hergebruik (Smartfurniture 2010).

Certificering

Voordat een product het officiële Cradle to Cradle-predicaat krijgt opgeplakt, dient eerst een certificeringproces te worden doorlopen. Het Environmental Protection and Encouragement Agency (EPEA) in Hamburg voert het onderzoek uit, waarna McDonough Braungart Design Chemistry (MBDC) de eindcontrole op zich neemt en uiteindelijk het certificaat uitgeeft. Er zijn vier aparte graden van certificering: basic, silver, gold en platinum (EPEA 2011). Het basic-certificaat is het makkelijkst verkrijgbaar en vereist van de fabrikant dat hij alle aanwezige stoffen in het product heeft geïdentificeerd en een globaal energie- en innameplan heeft opgesteld.

Het platinum-certificaat, dat overigens nog aan geen enkel product is toegewezen, stelt zeer hoge eisen aan het product, het productieproces en het bedrijf. Niet alleen moet 50 procent van alle onderdelen geclassificeerd zijn als ‘groen’, ook moet het product door middel van recycling een nieuw product van gelijke of hogere kwaliteit opleveren. Daarnaast moet 100 procent van alle energie voor het productieproces hernieuwbaar zijn, dient het afvalwater van onberispelijke kwaliteit zijn en wordt verwacht dat er een keurmerk voor maatschappelijk verantwoord ondernemen gehaald is (Semisch 2011).

Kritiek

Toch zijn er niet alleen positieve geluiden over Cradle to Cradle. Vooral uit de wetenschappelijke wereld klinken kritische geluiden over de inhoud en de toepasbaarheid van de strategie. Diverse levenscyclus-analisten, ecodesign-ingenieurs en recycling experts hebben hun twijfels over de technische implementatie van Cradle to Cradle. Zo zou het certificeringproces nogal wat steekjes laten vallen bij de beoordeling van de recyclebaarheid van producten. Vaak is een materiaal niet eindeloos te recycling zonder kwaliteitsverlies. Ook het feit dat de controle voor certificering en de uitgifte ervan in eigen beheer wordt gedaan, zorgt ervoor dat kwaliteitsverbetering van buitenaf niet mogelijk is. En dan is er nog de discussie over het energievraagstuk. Recycling en productie vergen energie die schaars is. Braungart en McDonouh pleiten voor gebruik van energie die direct of indirect van de zon afkomt, zoals zonwarmte, of elektriciteitopwekking door gebruik te maken van wind, biomassa, biogas, getijden of waterkracht. Deze energie bestaat wel, maar is vooralsnog niet in voldoende mate op te wekken om iedereen daarvan te voorzien (Wikipedia 2011).

Tekst 

Thies Timmermans

Beeld

Van boven naar beneden:
Taco van der Eb / Hollandse Hoogte
EPEA

Links

  • Cradle to Cradle Islands - Samenwerking van tientallen bedrijven uit zes landen voor de lancering van Texel en Amaland als innovatiecentrum voor Cradle to Cradle-projecten.
  • Herman Miller - Amerikaans bedrijf dat de eerste Cradle to Cradle-bureaustoel produceerde: de Mirra.
  • EPEA - Environmental Protection and Encouragement Agency in Hamburg, opgericht door Michael Braungart. Voert het onderzoek voor het certificeringsproces van Cradle to Cradle uit.
  • McDonough Braungart Design Chemistry - Verzorgt Cradle to Cradle-certificatie in de Verenigde Staten.

Bronnen

Reacties

Zelf een reactie geven? Meld je aan of login

  • de opening
    Duurzaamheid gaat vaak over de ‘buitenkant’ van organisaties of te wel de producten of energieopwekking. Verschillende organisaties scoren hoog in het veroorzaken van (ziekte)verzuim en vooral stress en burn-out vanwege de structuur van deze organisaties. Hierin kun je als organisatie eenvoudig het verschil gaan maken door het verzuim en verloop op te pakken. Dit is voor veel organisaties veel duurzamer en goedkoper voor de bedrijfsvoering. Verzuim is een normaal verschijnsel als het rond de 2% ligt. Verzuim is net als verloop een prachtig thema om te verpakken in het MVO beleid van organisaties en daarin is nog veel winst te behalen. Gemiddeld is een medewerker ruim 10 werkdagen per jaar thuis vanwege ziekte. Dit is teveel! Ooit schreef ik een discussie stuk over ‘Cradle to Cradle on HRM’, Het ging toen over de vraag, ‘hoe kunnen medewerkers als mens en als ambassadeur de werkgever beter verlaten dan dat zij ooit binnen zijn gekomen’. De voordelen voor organisaties zijn een enorme met een besparing in een van de grootste kostenposten; personeel. PS op 20 maart 2013 is er in ’s Hertogenbosch het C2C business case roadshow evenement. Opgeven via www.deopening.nl/cleandrinks Discussieer mee op 20 maart in een world café: Ontdek wat je kan (doen) Met de stellingen: C2C certificering is duur? en C2C is een hype?